Gelukkig zijn – In 5 stappen naar meer geluk

    Succes is niet de sleutel tot geluk. Geluk is de sleutel tot succes. Als je houdt van wat je doet, zal je succesvol zijn. 
    – Albert Schweitzer

    coach ZIN.nu de erkende post HBO academie voor integrale coaching

    Je bent gelukkig als je jouw behoeften bevredigt. Om precies te zijn, als je al jouw belangrijke behoeften in voldoende mate bevredigt. Niet te weinig, maar ook niet te veel. Welke behoeften zijn dat dan? Waarom geeft bevrediging van de ene behoefte meer geluk dan bevrediging van de andere? Hoe weet ik welke behoeften ik heb en in hoeverre ik ze heb bevredigd? Al deze vragen ga ik voor je beantwoorden. En meer.

    More...

    1. Hoe gelukkig ben je?

    Het is vrij eenvoudig te meten hoe gelukkig mensen zijn. Dit wordt vaak gedaan met een enkele vraag en een antwoordschaal van één tot tien, waarbij bijvoorbeeld één “niet gelukkig” en tien “zéér gelukkig” betekent. Hiermee heb je dan nog geen antwoord op de vraag wat we onder geluk verstaan en hoe het komt dat we zo gelukkig of ongelukkig zijn. Een voorbeeld van een dergelijke vraag ziet er zo uit:
    Het leven in zijn geheel beschouwd, hoe tevreden of ontevreden ben je tegenwoordig?

    hoe gelukkig ben ik

    Probeer eens bovenstaande vraag naar geluk te beantwoorden. Bij een score van zeven of lager ben je minder gelukkig dan de gemiddelde Nederlander. Bij een score van acht of hoger prijs je jezelf gelukkiger dan de gemiddelde Nederlander (gemiddeld ongeveer 7,5). Kom, dan gaan we kijken wat ons gelukkig maakt.

    2. Behoeften en geluk

    Eerst een definitie van geluk die in wetenschappelijke kring wordt gebruikt: Geluk is de mate van voldoening met het leven dat men leidt als geheel. Het draait volgens de definitie van geluk dus om de voldoening en dat hangt af van de bevrediging van jouw behoeften. 

    Het is niet eenvoudig om behoeften in kaart te brengen. Een van de problemen is dat je voor alle gedrag een behoefte zou kunnen bedenken, zoals een e-mailbehoefte, of een neuspeuterbehoefte. Je zou ook kunnen denken dat al het gedrag van de mens onder een aantal basisbehoeften valt. Al het gedrag dient dan direct of indirect een behoefte. Er zijn bekende psychologen die daar een goede poging toe hebben ondernomen, zoals Maslow met zijn behoeftepiramide. Een andere vergelijkbare en mooie indeling is het onderscheid tussen lichamelijke, sociale en verstandelijke behoeften.

    Lichamelijke behoeften zijn voedsel, water, hygiëne, rust, (fysieke) veiligheid, beweging en warmte. Onder sociale behoeften verstaan we de behoefte ergens bij te horen en de behoefte aan status, respect, controle, (sociale) veiligheid, intieme relaties en zelfvertrouwen. De verstandelijke behoeften zijn kennis en begrip van de wereld, betekenis en doelmatigheid, autonomie, competentie, persoonlijke groei en ontwikkeling, een positief zelfbeeld en zelf-actualisatie(1). Zelf-actualisatie is het benutten van jouw volle potentieel en het hebben topervaringen. Hieronder zie je de behoeften schematisch. 

    Soorten behoeften

    Soorten gevoel en geluk

    Key points - Gelukkig zijn door behoeftebevrediging

    We weten vrij gemakkelijk hoe gelukkig we zijn. Waardóór we gelukkig zijn is moeilijker vast te stellen.

    Er zijn drie soorten behoeften die we moeten bevredigen om gelukkig te zijn:

    • Lichamelijke behoeften
    • Sociale behoeften
    • Verstandelijke behoeften

    3. Laagrendementsbehoeften en geluk

    We wennen vrij snel aan veel zaken. Stel je voor: je zit in een rustig restaurantje en je krijgt een heerlijke salade, met een goddelijke dressing als voorgerecht, daarna een fantastische, gebonden, licht pittige soep, tegelijk met een aantal sneetjes toast, belegd met vers gesneden carpaccio en pijnboompitten. Dan krijg je een heerlijke ovenschotel met gekruide aardappeltjes, een gegrild stukje witvis, droge witte wijn en een goed stuk vlees, precies zo gebakken zoals jij het wilt. Daarna krijg je een verzorgd bordje pasta, met verse groenten en een zoete rode tomaten-paprikasaus, vergezeld met een stukje pizza met verse kruiden en parmezaanse kaas erop. Dan eten we van een ander continent en krijg je sushi en kogelvis met feestelijke groene rijst. Tussendoor een heerlijke misosoep, wat gevolgd wordt door gebakken ossenhaas in een licht scherpe sojasaus, met een salade van verse sla en speciaal gemarineerde zalmstukjes. Nu, anderhalf uur na de eerste gang krijg je een kaasplankje. Dan nog een lekkere mix van zomerfruit met roomijs en een bananensplit. Je drinkt koffie en thee na en om het af te leren nog een aperitiefje. Bij het ontvangen van de rekening eet je nog wat pepermuntjes en zuurtjes. Bij de uitgang krijg je nog een paashaas van chocola, voor onderweg, omdat het Pasen is.

    We voelen allemaal aan dat het halverwege bovenstaande tiengangenmenu niet meer lekker is. Bij genot, door bevrediging van lichamelijke behoeften, treedt snel gewenning op. Een snoepje of gewoon gezond eten kan lekker zijn, maar een kilo van hetzelfde is al gauw vervelend. Warmte is fijn, maar na verloop van tijd merk je het niet meer op. Drie dagen achter elkaar slapen is ook niet fijn, als het al mogelijk is. Willen we optimaal genieten dan moeten we dat met mate, met variatie en bewust doen(2). Met bewust genieten bedoel ik de aandacht erbij houden, zodat je niet de zoveelste plichtmatige sigaret op rookt zonder dat je het door hebt, of een hele zak M&M’s opeet tijdens een film zonder dat je het door hebt.

    Enkele sociale behoeften, zoals macht en respect dragen eveneens niet sterk bij aan geluk(3). We wennen eraan, ze geven zorgen en soms smaakt het alleen maar naar meer. Ergens meer van willen betekent niet altijd dat het bevredigend is, maar dat bevrediging kan leiden tot meer verlangen ernaar. Misschien willen we meer omdat we eraan wennen.

    Wanneer deze behoeften bevredigd zijn en we voldoende hebben gegeten en verdiend zouden we onze aandacht moeten verdelen en andere behoeften moeten bevredigen. Alleen streven naar eten, comfort, geld, macht en status en er niets mee doen is als het kopen van een huis zonder erin te wonen. Als alle levensbehoeften bevredigd zijn voegen alle status, luxe, welvaart en zonnestralen weinig toe aan verdere behoeftebevrediging.

    Veel mensen worden gemotiveerd door deze laagrendementsbehoeften. Alle aandacht gaat uit naar deze behoeften en ze worden dan de norm, of verwachting. Vaak kies je op basis van deze behoeften de verkeerde doelen. Bij veel van die doelen leidt realisatie tot korte periodes van positief gevoel of zelfs helemaal niet tot positief gevoel. Dan heb je een verkeerd beeld van jezelf, of voelt jezelf niet goed aan. Het is duidelijk dat we ons niet alleen moeten laten motiveren door genot en sociale status.

    Key points - Focus op behoeften die gelukkig maken

    In hoeverre word jij gemotiveerd door een aantal dominerende behoeften?

    • Geniet, maar met mate en variatie
    • Maak onderscheid tussen bevrediging van behoefte en een toename van behoefte
    • Let op welke doelen en verwachtingen je stelt; dienen ze de juiste behoeften?

    4. Extrinsieke motivatie en geluk

    De activiteiten die tot bevrediging van lichamelijke en sociale behoeften leiden worden vaak gezien als noodzakelijk kwaad. We spreken dan over extrinsieke motivatie. Dat wil zeggen dat we die activiteiten ondernemen om met het resultaat van de activiteit gelukkig te worden. De motivatie voor de activiteit zit hem in de verwachting wat het oplevert (als resultaat) en niet in het doen van de activiteit zelf. Uiteraard, eten om te eten is geen extrinsieke, maar intrinsieke motivatie. Echter, eten is niet iets wat we de hele dag kunnen doen, of moeten doen. Als we alleen werken om te kunnen eten, dan zijn we extrinsiek gemotiveerd om te werken: eten is het doel en het resultaat. Het genot van eten is slechts van korte duur en eten is slechts een klein deel van alle activiteiten die we ontplooien.

    Met extrinsieke motivatie alleen worden we niet gelukkig. Van extrinsieke motivatie is aangetoond dat deze, zelfs bij het realiseren van de doelen, nauwelijks tot behoeftebevrediging en positief gevoel leidt(4). Voor en na het eten moeten we veel andere activiteiten ontplooien; geld verdienen, boodschappen halen, koken, tafel dekken en afruimen en afwassen. De frequentie van gevoel is het belangrijkste voor ons geluk en we ervaren bij extrinsieke motivatie door genot en status slechts gedurende kortere tijd positief gevoel na een lange periode van vervelende activiteiten.

    Naast genot en sociale status kunnen ook waarden en idealen extrinsieke motieven zijn. Als we bijvoorbeeld worden gedreven door de waarde eerlijkheid, dan draait het om de vraag of we voldoen aan ons idee van eerlijkheid. Waarden en idealen zijn echter bijzondere extrinsieke motieven. We hebben eerder al gezien dat handelen in overeenstemming met waarden ons duurzaam een goed gevoel geeft. Idealen dragen waarden in zich, waardoor werken aan idealen meer samen gaat met positief gevoel en tevredenheid, dan gedreven zijn door genot en status. Idealen en waarden zijn hiermee betere extrinsieke motieven dan (standaarden en verwachtingen van) genot en sociale status. Zo geeft werken aan een betere wereld meer voldoening dan werken om in een dure auto naar je werk te kunnen rijden, of de hele dag door eten. Voor de duidelijkheid: dit wil allemaal niet zeggen dat we niet mogen genieten en dat het hebben van status niet belangrijk is. Andere zaken zijn echter minstens net zo belangrijk, zoals intrinsieke motivatie.

    Key points - Extrinsieke motivatie maakt minder gelukkig

    Waar doe jij het allemaal voor? Doe je het vooral voor de resultaten? Voor wat het je oplevert? Dan ben je vooral extrinsiek gemotiveerd. Daar worden mensen over het algemeen minder gelukkig door. 

    • Richt je niet alleen op wat je allemaal wilt hebben en bereiken. 
    • Richt je op idealen en waarden.
    • En knip ze op in hapklare brokken, anders lijkt het alsof je niet vooruit gaat.  

    5. Intrinsieke motivatie en geluk

    Met bevrediging van deze sociale en lichamelijke behoeften en met het werken aan idealen zijn we goed op weg, maar nog niet optimaal gelukkig. Om echt gelukkig te zijn dienen we nog de overige sociale behoeften en verstandelijke behoeften te realiseren. De overige sociale behoeften zijn intimiteit, veiligheid, ergens bij horen, aardig gevonden worden en zelfvertrouwen. De verstandelijke behoeften zijn de behoefte aan kennis en begrip van de wereld, betekenis en doelmatigheid, autonomie, competentie, persoonlijke groei, een positief zelfbeeld en zelf-actualisatie. Bij de bevrediging van deze behoeften kunnen we een veel hogere frequentie van positief gevoel ervaren. Dit is mogelijk aangezien er minder gewenning optreedt bij deze behoeften en veel activiteiten een voortdurende bevrediging van deze behoeften met zich mee kunnen brengen(5).

    Bevrediging van veel sociale behoeften en alle verstandelijke behoeften is een integraal aspect van activiteiten. Hiermee bedoel ik dat deze behoeften worden bevredigd tijdens het ondernemen van langdurige activiteiten en dat het verloop van de activiteiten wordt beïnvloed door ons gevoel en onze successen. Zo gaan we naar een feest voor de gezelligheid, waar een spel van sociale gevoelens wordt gespeeld. Het is meestal niet zo dat de voldoening pas na afloop van het feest wordt ervaren, maar al tijdens het feesten. Hetzelfde geldt voor interessante en uitdagende activiteiten, waarin we verstandelijke behoeften kunnen bevredigen. We gaan op in ons werk, onze studie, een (computer)spel en het sporten en ervaren bij het gehele verloop ervan voldoening. Het is mogelijk dat we na afloop iets bereiken, maar de weg ernaar toe is ook of zelfs meer bevredigend. Wanneer we een activiteit ondernemen voor de voldoening die uit de activiteit zelf voortkomt, dan noemen we dat intrinsieke motivatie. Van intrinsieke motivatie is aangetoond dat het tot positief gevoel en tevredenheid leidt(6).

    Intrinsieke motivatie voor een activiteit kunnen we ook passie noemen. Een passie is over het algemeen ook een activiteit waar we goed in zijn. Meestal zijn we goed in wat we leuk vinden. Andersom vinden we meestal de activiteiten leuk waar we goed in zijn. Een passie is dus een activiteit waarin we onze kwaliteiten kunnen benutten en waar we voldoening uit halen. Dit noemt Seligman authentiek geluk(7).

    Key points - Intrinsieke motivatie maakt meer gelukkig

    Merk je dat je, tijdens het doen, voldoening haalt uit de dingen die je doet? Dan ben je intrinsiek gemotiveerd. Gefeliciteerd! Daar word je gelukkiger van!

    • Voldoening door intrinsieke motivatie kan uren duren, dus dan heb je meer en langer positieve gevoelens.
    • Daar waar je helemaal in je flow zit ben je optimaal intrinsiek gemotiveerd.

    6. Kwaliteiten, passie en idealen

    In de optimale situatie liggen onze intrinsieke en extrinsieke motieven in het verlengde van elkaar. Dat wil zeggen dat we met onze activiteiten zowel voldoening hebben tijdens de ontplooiing ervan, als erna, door het resultaat. Anders gezegd worden we het gelukkigst als we onze idealen kunnen bereiken door onze kwaliteiten in te zetten en op die manier bezig kunnen zijn met onze passies. Door ons bewust te zijn van die kwaliteiten, passies en idealen kunnen we de juiste keuzes maken voor onze rol, werkzaamheden en omgeving. Zo kun je kiezen voor een interessante studie, die tevens een diploma oplevert waarmee je interessant werk kunt vinden. Hiermee benutten we kansen en creëren we nieuwe mogelijkheden voor behoeftebevrediging.

    Aan behoeften die slechts voor korte tijd positief gevoel met zich meebrengen dienen we niet al te veel tijd te besteden; niet meer dan de tijd dat ze voldoening geven. De behoeften die bij bevrediging langer en vaker positief gevoel opbrengen verdienen meer aandacht. Het gevaar is namelijk dat de aandacht teveel uitgaat naar de verkeerde extrinsieke motieven, waardoor de mogelijke voldoening van intrinsieke motivatie niet wordt ervaren. Kinderen die voorheen uit zichzelf gingen tekenen omdat ze het leuk vonden, vervolgens er een tijd vijf eurocent voor krijgen, blijken te stoppen als de geldstroom ook stopt. Tekenen is opeens niet meer leuk en ze vergeten waarvoor ze het deden(8). Volwassenen verschillen niet zo veel van kinderen, wat dit betreft. Ons geluk hangt dus af van de mate waarin we in staat zijn een balans te vinden in onze passies en idealen.

    Intrinsieke motivatie hangt samen met productief bezig zijn(9). Passies en idealen gaan samen met activiteit en het opbouwen van bronnen en reserves. Consumeren is ook fijn en belangrijk, maar het is niet iets waar we voortdurend mee bezig moeten en kunnen zijn. Vandaar dat de bevrediging van de behoeften die samengaan met consumeren niet lang voldoening geeft. Het blijkt dat de evolutie ons heeft uitgerust met een gezonde drift om het leven te cultiveren en positieve omstandigheden te creëren die onze kansen op overleven van onszelf en ons nageslacht vergroten.

    Passies, idealen en geluk

    Motivatie en gelukkig zijn

    Hoe weet jij dan welke behoeften je hebt? En in hoeverre die zijn bevredigd? Hoe weet je wat jouw passies en idealen zijn? Dat vraagt om zelfkennis en zal je goed naar je gevoel moeten luisteren.

    Key points - Volg je passies en idealen, benut je kwaliteiten voor meer geluk

    Kwaliteiten, passies en idealen. Kwaliteiten, passies en idealen. ... Ik kan het niet vaak genoeg zeggen. 

    • Richt je op de juiste sociale en verstandelijke behoeften.
    • Ken je passies, kwaliteiten en idealen, anders doe je maar wat.
    • Volg die passies, kwaliteiten en idealen, dan ben je productief en bouw je ook nog iets op!

    7. De functie van gevoel

    Onze gevoelens geven twee zaken aan: wat onze behoeften zijn en de mate waarin die behoeften zijn bevredigd(10). Zelfs Darwin, de grondlegger van de evolutieleer, was zich hier al van bewust. Het gevoel honger geeft de behoefte aan voedsel aan, kou geeft de behoefte aan warmte aan, angst geeft de behoefte aan veiligheid aan en boosheid geeft de behoefte aan controle aan. Het zijn voornamelijk negatieve gevoelens die de behoeften aangeven. Positieve gevoelens geven de bevrediging van behoeften aan. Zo geeft het gevoel trots aan dat de behoefte aan status en aanzien is bevredigd en genot geeft aan dat een lichamelijke behoefte wordt bevredigd.

    Door gevoelens en de bewustwording van onze gevoelens hebben we een drang tot doelgericht handelen. Gevoelens maken handelen doelgericht omdat ze het handelen naar de bevrediging van behoeften sturen(11). Bij positief gevoel willen we het object of situatie dat het gevoel opwekt benaderen en instandhouden. Gedrag wordt bij positief gevoel eerder herhaald (denk aan beloning). Negatief gevoel leidt tot het vermijden en vernietigen van het object of situatie dat het gevoel opwekt. Daarbij gaan we op zoek naar positief gevoel. Gedrag wordt bij negatief gevoel minder snel herhaald (denk aan straf).

    Behoeften bestaan feitelijk bij de gratie van gevoel. Gevoel komt op of het komt niet op. Zolang een gevoel niet opkomt is het niet bepalend voor ons gedrag. Je zou kunnen zeggen “zonder gevoel geen behoefte”. Kennelijk hebben wij structuren in ons lichaam en onze hersenen die door middel van gevoel aangeven wat goed en slecht voor ons is, wat onze behoeften zijn. Als wij een tekort aan een stof hebben, bijvoorbeeld vitamine C en als in zo een geval ons gevoel niet specifiek aangeeft wat wij moeten doen en wat goed of slecht voor ons is, dan spreken wij niet van een bewuste behoefte, maar van een tekort of deficiëntie. Als we echter trek krijgen in pinda’s of zure bommen dan zal ons lichaam waarschijnlijk behoefte hebben aan stoffen die in die voedingsmiddelen zitten. In de winter hebben mensen meer behoefte aan vet eten dan in de zomer. In vet zit meer energie en die energie hebben we nodig om ons warm te houden.

    Key points - Gevoel bewaakt je behoeften en dus je geluk

    Je gevoelens negeren is als navigeren met je ogen dicht. 

    • Gevoelens maken jouw gedrag doelgericht. 
    • Wil je weten welke behoeften je hebt? Luister naar je gevoel. 
    • Wil je weten of jouw behoeften zijn bevredigd? Luister naar je gevoel. 

    8. Waarom is voldoening (gevoel) belangrijker dan tevredenheid (verstand) voor ons geluk?

    Volgens de biologische visie is het niet het verstand wat aangeeft of we wel of niet goed bezig zijn, maar ons gevoel. Ons verstand heeft zich ontwikkeld als instrument voor het inschatten van situaties, op mogelijkheden, oorzaken en gevolgen. Ons verstand voorziet ons van de mogelijkheid anders te handelen dan volgens onze instincten en gewoonten. Hiertoe bedenken we alternatieven voor gedrag en dit kan leiden tot gedragsverandering.

    Het gevoel geeft aan wat goed voor ons is, welke oorzaken, gevolgen en gedragsalternatieven onze behoeften bevredigen. Gevoel is de indicator van ons welbevinden, waarbij wij als organisme doordrongen zijn van het feit dat de beleving van negatief gevoel geen welbevinden is. Anders hadden we negatief gevoel wel prettig gevonden.

    Het leven draait niet om het geluk van een organisme, maar om het succes van dat organisme. Collectief alleen maar in een hoekje liggen genieten van aanhoudende extase leidt rap tot het uitsterven van de mens. Negatieve gevoelens kunnen goed voor ons zijn. Negatieve gevoelens zijn niet prettig, maar wel goed, aangezien ze ons aansporen tot behoeftebevrediging. We zijn niet voor het geluk gemaakt, maar om succes te hebben in het leven; ons te ontwikkelen, ons voort te planten, de bronnen waarover we beschikken te vergroten, et cetera. Negatief gevoel heeft hierin een belangrijke rol. Het beoordelen of je gelukkig bent is waarschijnlijk daardoor niet belangrijk, maar is ook iets waar we misschien niet goed in zijn(12). Gevoel is belangrijk voor ons overleven en voor onze beleving van het belang van zaken(13).

    Uiteraard kunnen we met ons verstand inschatten of de situatie waar we ons in bevinden, aan idealen, waarden, normen en verwachtingen voldoet en of we in verhouding tot anderen een goed leven hebben. De werkelijke waardering beleven we echter gevoelsmatig. Daarnaast is gevoel vooral een direct gevolg van de situatie en de mate waarin onze behoeften worden bevredigd (volgens datzelfde gevoel). Ideeën en oordelen over de ervaring geven minder aanleiding tot gevoelsmatige reacties dan de omstandigheden waarin we ons bevinden. De omstandigheden kunnen bijdragen aan behoeftebevrediging. Dit betekent dus ook dat veranderingen in ideeën minder het geluk bepalen dan veranderingen in de situatie(14).

    Het geluksoordeel is over het algemeen voor ongeveer driekwart gebaseerd op gevoel en voor ongeveer een kwart op tevredenheid(15). Vragen we echter naar specifieke gebieden in het leven, dan neemt de invloed van gevoel af en is ons oordeel over specifieke gebieden van het leven meer gebaseerd op tevredenheid, het verstandelijke oordeel over dat gebied. Dit verschijnsel kunnen we verklaren door aan te nemen dat we een helderder beeld hebben bij wat we van specifieke gebieden in het leven willen. Leven, daarentegen, is een vaag, abstract en breed begrip. Hierbij hebben we niet zo snel een helder beeld van wat we willen, onder andere omdat we niet bewust met een helder doel gekozen hebben voor het leven.

    Uit onderzoek blijkt tevens dat de intensiteit, dus de sterkte van het gevoel niet het belangrijkste is voor ons geluk(16). Veel mensen die hoge pieken ervaren, ervaren ook lage dalen, dus zijn gemiddeld niet gelukkiger. De frequentie van gevoelens is veel belangrijker voor ons geluk. Hoe vaker we positief gevoel ervaren en hoe minder vaak we negatief gevoel ervaren, hoe gelukkiger we zijn.

    Gevoel, verstand en geluk

    Gevoel verstand en geluk

    Key points - Je gevoel toont je de weg naar geluk

    Gevoel is belangrijker voor ons geluk dan verstand. 

    • Focus op gevoel en dus op de bevrediging van behoeften.
    • Waardeer de boodschap van de gevoelens die je hebt.
    • En dus, focus vervolgens op de acties die gevoelens aangeven.  

    9. Samenvattend, bevredig de juiste behoeften in de juiste mate

    In onderstaand model komt alles samen. Je ziet dat niet elke behoefte even veel bijdraagt aan jouw geluk. Focus dus het meest van jouw tijd op de juiste sociale behoeften (empathie, intieme relaties, gemogen worden, geven, veiligheid en idealen) en op de verstandelijke behoeften (betekenis, autonomie, competentie, groei en ontwikkeling, zelf-actualisatie).

    wat maakt mij gelukkig - ZIN - behoeften gevoel geluk

    10. In 5 stappen naar meer geluk!

    Stap 1. 
    Leer nog beter luisteren naar je gevoel. Neem het serieus, het heeft je wat te vertellen. Je hoeft niet altijd meteen te weten wat het betekent, dat komt vanzelf, als je maar blijft luisteren. 

    Stap 2.
    Maak een overzicht van alle behoeften en beoordeel in hoeverre die behoeften zijn bevredigd. Doe dat vooral op basis van gevoel. Let gedurende de dag op welke gevoelens voorbij komen en welke behoeften wel of niet worden bevredigd. 

    Stap 3.
    Stel vast welke behoeften zijn verwaarloosd. Focus vooral op de juiste sociale en de verstandelijke behoeften. Bedenk manieren en oplossingen om daar meer aandacht aan te besteden. 

    Stap 4. 
    Maak keuzes en onderneem actie!

    Stap 5. 
    Herhaal stap 1 tot en met 5.

    Wil je aan jouw eigen geluk werken en anderen daarin begeleiden?

    Dan is de Erkende Coaching Opleiding iets voor jou!

    Leer hoe je dankzij een unieke nieuwe aanpak van psychologie en toegepaste nonduale wijsheid verrassend eenvoudig wezenlijke verandering voor elkaar krijgt!

    Geluk, wijsheid, kracht en innerlijke rust worden toegankelijk en toepasbaar gemaakt. Voor jou en de mensen die jij begeleidt. 

    Referenties:

    1
    Mook, D.G. (1996). Motivation. The Organization of Action. W.W. Norton & Company.
    Ubom, I.U. & Joshua, M.T. (2004). Needs Satisfaction Variables as Predictors of Job Performance of Employees: Implications for Guidance and Counselling. The African Symposium. African Educational Research Network. 4, 3, September. 


    2
    Seligman, M.E.P. (2002). Gelukkig zijn kun je leren. Utrecht: Het Spectrum. Veenhoven, R. Hedonism and Happiness. Journal of Happiness Studies. 4, 437-457 (2003). Springer Science and Business Media. 

    3
    McIntosh, W.D. (1996). When Dœs Goal Nonattainment Lead to Negative Emotional Reactions, and When Dœsn’t It?: The Role of Linking and Rumination. In L.L. Martin & A. Tesser (Eds.), Striving and Feeling: Interactions among Goals, Affect, and Self-Regulation. Lawrence Erlbaum Ass, Mahwah, NJ.
    Seligman, M.E.P. (2002). Gelukkig zijn kun je leren. Utrecht: Het Spectrum.

    4
    Al-Badayneh, D.M. & Sonnad, S.R. An Analysis of the Self-rated Job Performance and Job Satisfaction Relationship in Jordanian Hospitals.
    Argyle, M. Do Happy Workers Work Harder? The Effect of Job Satisfaction on
    Work Performance. In R. Veenhoven (Ed.) How Harmful is Happiness? Consequences of Enjoying Life or Not. Universitaire Pers Rotterdam, The Netherlands.
    Diener, E., Suh, E. & Oishi, S. (1997). Recent findings on Subjective Well-Being. Indian Journal of Clinical Psychology. March.
    Deci, E.L., Ryan, R.M., Gagné, M., Leone, D.R., Usunov, J. & Kornazheva, B.P. Need (2001). Satisfaction, Motivation and Well-Being in the Work Organizations of a Former East Bloc Country: A Cross-Cultural Study of Self-Determination. PSPB, 27, 8, 930 – 942.
    Judge, T.A. & Hulin, C.L. (1993). Job Satisfaction as a Reflection of Disposition: A Multiple Source Causal Analysis. Organizational Behaviour and Human Decision Processes. 56, 388-421.
    Malka, A. & Chatman, J.A. (2002). Work Orientation and the Contingency of Job Satisfaction and Subjective Well-Being on Annual Income: A Longitudinal Assessment.
    Schmuck, P., Kasser, T. & Ryan, R.M. (2000). Intrinsic and Extrinsic Goals: Their Structure and Relationship to Well-Being in German and U.S. College Students. Social Indicators. 50, 2, 225 – 241.

    5
    Seligman, M.E.P. (2002). Gelukkig zijn kun je leren. Utrecht: Het Spectrum.

    6
    Al-Badayneh, D.M. & Sonnad, S.R. An Analysis of the Self-rated Job Performance and Job Satisfaction Relationship in Jordanian Hospitals.
    Argyle, M. Do Happy Workers Work Harder? The Effect of Job Satisfaction on
    Work Performance. In R. Veenhoven (Ed.) How Harmful is Happiness? Consequences of Enjoying Life or Not. Universitaire Pers Rotterdam, The Netherlands.
    Diener, E., Suh, E. & Oishi, S. (1997). Recent findings on Subjective Well-Being. Indian Journal of Clinical Psychology. March.
    Deci, E.L., Ryan, R.M., Gagné, M., Leone, D.R., Usunov, J. & Kornazheva, B.P. Need (2001). Satisfaction, Motivation and Well-Being in the Work Organizations of a Former East Bloc Country: A Cross-Cultural Study of Self-Determination. PSPB, 27, 8, 930 – 942.
    Judge, T.A. & Hulin, C.L. (1993). Job Satisfaction as a Reflection of Disposition: A Multiple Source Causal Analysis. Organizational Behaviour and Human Decision Processes. 56, 388-421.
    Malka, A. & Chatman, J.A. (2002). Work Orientation and the Contingency of Job Satisfaction and Subjective Well-Being on Annual Income: A Longitudinal Assessment.
    Schmuck, P., Kasser, T. & Ryan, R.M. (2000). Intrinsic and Extrinsic Goals: Their Structure and Relationship to Well-Being in German and U.S. College Students. So- cial Indicators. 50, 2, 225 – 241.

    7
    Seligman, M.E.P. (2002). Gelukkig zijn kun je leren. Utrecht: Het Spectrum.

    8
    Mook, D.G. (1996). Motivation. The Organization of Action. W.W. Norton &
    Company. 

    9
    Csikszentmihalyi, M. (1991). Flow. The Psychology of Optimal Experience. Harper Perennial.
    Fredrickson, B.L. (2000). Cultivating Positive Emotions to Optimize Health and Well-Being. Prevention & Treatment. 3, march.
    Seligman, M.E.P. (2002). Gelukkig zijn kun je leren. Utrecht: Het Spectrum.

    10
    Darwin, C. (1872). The Expression of Emotions in Man and Animals. John Murray, London.
    Oatley, K. & Jenkins, J.M. (1996). Understanding Emotions. Cambridge, Massachusetts, USA: Blackwell Publishers, Inc.
    Frijda, N.H. (1993). De Emoties. Amsterdam: Uitgeverij Bert Bakker.
    Wright, R. (1994). The Moral Animal. Evolutionary Psychology and Everyday Life. New York: Pantheon Books.

    11
    Frijda, N.H. (1993). De Emoties. Amsterdam: Uitgeverij Bert Bakker.
    Lyubomirsky, S., King, L. & Diener, E. (2005). The Benefits of Frequent Positive Affect: Does Happiness Lead to Success? Psychological Bulletin.
    Oatley, K. & Jenkins, J.M. (1996). Understanding Emotions. Cambridge, Massachusetts, USA: Blackwell Publishers, Inc. 

    12
    Oatley, K. & Jenkins, J.M. (1996). Understanding Emotions. Cambridge, Massachusetts, USA: Blackwell Publishers, Inc.
    Seligman, M.E.P. (2002). Gelukkig zijn kun je leren. Utrecht: Het Spectrum.
    Wright, R. (1994). The Moral Animal. Evolutionary Psychology and Everyday Life. New York: Pantheon Books.

    13
    Veenhoven, R. (1984). Conditions of Happiness. Dordrecht/Boston: Kluwer Academic.
    Veenhoven, R. (2001) What We Know About Happiness. Paper presented at the dialogue on “Gross National Happiness”, Woudschoten, Zeist, The Netherlands, Ja- nuary 14-15 2001.
    Veenhoven, R. (1989). Is Happiness Relative? In J.P. Forgas, J.M. Innes, J.M (Eds.) Recent Advances in Social Psychology. Elsevier Science, Netherlands. 235 – 247.

    14
    Argyle, M. (1987). The Psychology of Happiness. London & New York: Methuen & Co. Ltd.
    Strack, F., Argyle, M. & Schwarz, N. (1991). Subjective Well-Being. An Interdisciplinary Approach. Pergamon Press, Oxford.
    Veenhoven, R. (2001) What We Know About Happiness. Paper presented at the dialogue on “Gross National Happiness”, Woudschoten, Zeist, The Netherlands, Ja- nuary 14-15 2001.

    15
    Argyle, M. (1987). The Psychology of Happiness. London & New York: Methuen & Co. Ltd.
    Diener, E. & Lucas, R.E. (2000). Subjective Emotional Well-Being. In M. Lewis & J.M. Lyubomirsky, S., King, L. & Diener, E. (2005). The Benefits of Frequent Positive Affect: Does Happiness Lead to Success? Psychological Bulletin.
    Headey, B. & Wearing, A. (1992). Understanding Happiness. A Theory of Subjective Well-Being. Longman Cheshire, Melbourne.

    16
    Störig, H.J. (2000). Geschiedenis van de Filosofie. Het Spectrum.

    >